De geboorte van een karpervisser

Ik zal een jaar of twaalf geweest zijn. Een beginnend vissermannetje. Niet uit de genen van mijn vader maar ws iets van opa meegekregen. Hij was een oud jutter (geboren Heldenaar) en was vaak op de helderse zeewering te vinden. Vroeg later ook altijd naar het wel en wee van mijn prille vissersbestaan.

Een vrije woensdagmiddag, vlug naar huis, broodje eten en hengeltje gepakt om lekker wat witjes te vangen. Bij het slootje aangekomen snel de hengel in orde gemaakt en vissen! Na een tijdje geen beet, een beetje in in het water speuren. De stek waar ik vis is het einde van een sloot. In Den Helder bekend als het kerkhofslootje. Tussen het in de hoek gewaaide drijfvuil en takken drijft een deur (hoe komt die daar in vredesnaam). Komen daar nou geluidjes onder vandaan? Vast niet. Concentratie maar weer op het witvisdobbertje gericht. Na een paar witjes gevangen te hebben dwaalt het zicht toch weer af naar het drijfvuil en de daarin ronddobberende deur. Plotseling valt mijn oog op groot zwart monster dat langzaam onder de deur vandaan draait, en vervolgens in alle stilte een pluisje van het oppervlakte plukt. KARPER!!! Zo dichtbij heb ik nog nooit zoiets gezien! Onwetend van de kracht van deze vissen haal ik mijn vaste stok op en druk een verse vlok op de haak (maatje 22....) die ik vervolgens zo goed en zo kwaad als het kan vlak naast de deur laat zakken (het monster is intussen nergens meer te zien). Bijna direct begint het onder de deur te deinen en te kolken en niet lang daarna wordt mijn dobbertje langzaam richting deur getrokken. Een felle tik en een grote kolk laat mij weten dat ik voor het eerst kennismaking heb gemaakt met een karper. Het vervolg laat zich raden, de karper zwemt zonder enige weerstand onder de deur door en laat mij achter met een wapperent lijntje 10.00 mm.

Trillend en bevend sta ik daar dan: voor het eerst een karper aan de lijn. Lang laat ik het echter niet duren, ik besluit op de fiets te stappen om snel mijn werphengeltje en een zak brood te halen. Weer terug bij het slootje zie ik nog steeds leven in het drijfvuil en bij de deur. Snel een vlokdobber op de lijn geschoven en een flinke flok brood op de haak gekneed. Een listig worpje over het riet beland boven op de deur. Gelukkig lijkt het er niet op dat de vissen er van schrikken en trek ik langzaam de broodvlok over het randje van de deur. Perfect!! Het duurt nog geen 10 seconden of vanuit het niets verschijnt een zwarte schaduw die richting mijn vlok zwemt, deze tussen zijn lippen neemt en terug naar onder de deur zwemt. Een ferme haal aan de werphengel maakt duidelijk dat de vis zichzelf gehaakt heeft. Een fel gevecht ontwikkeld zich en na wat lijkt een eeuwigheid te duren ligt mijn allereerste karper voor het net. Een schub van zo'n vijfendertig cm is bijna mijn deel. Wat een vis, wat een monster, wat een kracht. Helaas heeft deze vis geen zin om in mijn net te kruipen, na een paar klappen met z'n staart weet hij (of zij) alsnog te ontsnappen.

Het stukje hierboven heeft mijn leven verandert. Toen ik thuiskwam ben ik direct bij mijn ouders om een 'echte' karperhengel gaan zeuren. Gelukkig kreeg ik deze later ook en kwam ik in het bezit van een heuse DAM 'Blue Carp'. Met deze hengel in mijn bezit begon ik alle uurtjes die ik vrij kreeg de karper in de diverse wateren van Den Helder na te jagen.

Toen ik een jaar of 17 was werd ik lid van een basketballvereniging en daar maakte ik kennis met Edwin. Door mijn enthousiasme over het karpervissen kreeg ik hem zo ver een keer mee te gaan naar de Zandput in Alkmaar (toen een water dat garant stond voor zo'n 15 runs per nacht). Aangezien inmiddels het boilie tijdperk was aangebroken leek het mij geen probleem om hem een vis te laten vangen. Dat lukte!! Met wat geleend materiaal en mijn oude Blue Carp (door Edwin steevast de bamboe genoemd vanwege het kurken handvat) hebben we de nacht van ons leven. Beide zo'n tien vissen met daarbij enige mooie spiegels. Had ik in al die jaren nog geen spiegelkarper in het net weten te krijgen, de eerste vis voor Edwin was een echte spiegel.

Een van Edwin zijn eerste vissen..

Een van Edwin's eerste vissen. Zandput Alkmaar

Na nog een aantal meegeweest te zijn besefte Edwin dat ook hij besmet was door het karpervirus en begon zelf materiaal aan te schaffen. Op een zelfde manier werd ook toenmalig basketball teamgenoot Marco gestrikt....Hij kreeg z'n vuurdoop aan de Laan der Nederlanden in Beverwijk en was bijna direct verslingerd aan het karpervissen.

Tot op heden vissen wij nog met elkaar. We kennen elkaar nu ruim twintig jaar en gaan nog ieder jaar een week met z'n drieën naar Frankrijk. Een week die we als vrienden en karpervissers met elkaar doorbrengen en waarvan ik hoop dat die traditie nog eeuwig zal duren.